door Betty Koppelman

Bij mijn bezigheden voor het Hergé Genootschap hoort onder meer het sleutelen aan teksten. Zo hadden Louis Versteeg en ik bedacht dat het wenselijk was dat er een tijdelijke flyer van het HG beschikbaar zou zijn als Jean-Pierre Levée in IJsselstein het door hem vertaalde boek, De Kuifje mythes, kwam introduceren. Er zouden immers ook Hergé-belangstellenden komen die onze geweldige club nog niet kenden. Toen we het eens waren over de tekst, raadde Louis mij aan bij een lokale printshop er een stapeltje te laten drukken. Het was intussen al laat op de avond geworden en ik appte vanaf de rand van mijn bed dat ik morgen wel zou gaan kijken of de plaats waar ik op dat moment was een dergelijk bedrijfje rijk was. Meteen kreeg ik een linkje van Louis doorgestuurd; hij had al iets gevonden bij mij in de buurt.

De volgende ochtend opende ik mijn laptop om naar de openingstijden van deze printshop te kijken, maar daar deden ze niet aan. Wel zag ik dat er hier van alles gedrukt werd: reclamedingen, T-shirts, relatiegeschenken, dus dat zou wel goed komen met mijn 30 A4’tjes. Ik keek waar ik heen moest en de drukkerij zat achter de begraafplaats; ik wist wel ongeveer waar dat was. Ter plaatse was het toch wel even zoeken. Ik kwam uit bij een stil pleintje met een uitvaartcentrum. Niet heel verrassend, achter een kerkhof, maar waar zat die drukkerij nou? Ernaast en in dezelfde stijl opgetrokken als het rouwcentrum zag ik een gebouwtje met het door mij gezochte huisnummer. Door de stromende regen liep ik erheen en inderdaad vond ik een bescheiden bordje met de naam van de drukkerij. Helaas ook een bordje met: “Alleen op afspraak”. Dat verklaarde wel waarom er op de website geen openingstijden stonden, maar deze mededeling had ik daar ook niet gezien.

Het plensde onverdroten voort, ik deed mijn best het waardevolle origineel droog te houden en ik besloot aan te bellen. Dat moest “hard”, stond erbij. Apart, vond ik. Eigenlijk mocht je niet zo maar komen, maar als je er dan toch was, moest je ook maar hard bellen. Dat ze hier last zouden hebben van luidruchtige buren, leek me toch niet erg waarschijnlijk. Maar wat bedoelden ze precies met “hard bellen”? Knopje diep indrukken? Eindeloos vasthouden? Ik deed maar wat; belde “hard” aan.

Er kwam een keurige mevrouw naar de deur en ik zei beleefd dat ik net het bordje met “alleen op afspraak” gezien had, maar dat niet wist. Ik mocht binnen komen staan in het kleine halletje, omdat het zo regende. Zakelijk vertelde ik waar ik voor kwam: 30 A4’tjes, aan één kant bedrukt. Ze keek naar de ruimte achter zich, waar ze vandaan was gekomen en zei: “Dat kan wel even, de machine is nu vrij.” Ik gaf haar mijn mapje en zij leidde mij met enige stelligheid naar een andere ruimte, terwijl ik best even in dat halletje wilde blijven staan uitdruipen. Dat leek geen optie; ze opende de deur van een klein kamertje met een glazen tafel met zes stoeltjes eronder. Ze drong aan dat ik daar zou plaatsnemen en verdween met mijn opdracht. Iets weerhield me ervan te gaan zitten; verbijsterd keek ik rond. Aan de muur van het kamertje zag ik planken met urnen, foldertjes met stemmige teksten en sieraden “voor de as van uw dierbare overledene”. Letters in allerlei stijlen, foto’s van voorbeelden van grafstenen. Ik had steeds minder zin om hier aan die kille tafel plaats te nemen. Er stond een waterkokertje en een doos waar op stond dat er “echt lekkere koffie” in zat. Het bakje troost, nam ik aan, maar dat benadrukt moest worden dat het echt lekker was, leek mij een veeg teken.

De obligate plakken cake ontbraken nog. Tevergeefs zocht ik naar voorbeelden van blijer drukwerk: de beloofde relatiegeschenken, T-shirts, bedrukte balpennen voor mijn part, maar niets van dien aard, het was droefenis troef.
Net toen ik bedacht had dat 30 A4’tjes toch zo geprint moesten zijn, kwam de dame terug. Het was gelukt. Of ik er een factuur bij moest hebben. Ja, wel graag. Op naam van wie? “Het Hergé Genootschap”, zei ik gegeneerd. Het klonk in deze ruimte bijna onbehoorlijk vrolijk. “Hergé” moest ik spellen, maar “Genootschap”, dat lukte wel. Weer bleef ik achter in deze beklemmende ruimte, ik had bijna spijt van mijn verzoek om een rekening. Binnen redelijke tijd kwam ze terug, met een keurige factuur en een pinapparaat. Het was heel netjes afgehandeld maar eerlijk gezegd nam ik me voor met eventueel volgend drukwerk niet meer naar deze drukkende zaak toe te gaan. Niet alleen mijn A4’tjes kwamen hier bedrukt vandaan, maar ik zelf ook. Hier is het Hergé Genootschap een te levendige vereniging voor.
